Recept voor extra luchtige appelbeignets
tussendoortje
ca. 45 min.
150 g | bloem |
2 tl | vanillesuiker |
125 ml | witte wijn |
msp | zout |
1 el | olie |
2 | eierdooiers |
2 | eiwitten |
30 g | fijne kristalsuiker |
ca. 4 | friszure appels, bv. Rembrandt of Elstar |
40 g | geschaafde amandel |
50 g | fijne kristalsuiker of poedersuiker of gemalen kaneel |
1 l | frituur- of zonnebloemolie |
Verwarm de frituur voor op 180ºC. Roer de bloem met vanillesuiker, wijn, zout, olie, en 2 eidooiers tot een glad beslag. Laat het beslag 15 min staan. Boor intussen de klokhuizen uit de appels, schil ze, snij in ca. 1 cm plakken en bestrooi ze licht met fijne kristalsuiker en kaneel.
Klop de eiwitten in een vetvrije kom stijf en voeg al kloppend beetje bij beetje 30 g suiker toe. Schep het eiwit door het bloembeslag. Knijp het amandelschaafsel iets fijn en schep het door het beslag. Haal de appelringen 1 voor 1 door het beslag (niet té dik) en frituur ze goud bruin. Bestrooi ze direct uit de frituur licht met suiker en kaneel.
P.S.: Als het beslag niet aan de appel blijft hangen (als ze te vochtig zijn) moeten de ringen eerst door de bloem gehaald (en afgeklopt) worden.
Je kunt de appel ook heel goed vervangen voor ananas. Bekijk hier het filmpje van ananas beignets maken.



